Laatste nieuws

16-09-2021
Financiën niet van plan box-3-heffing direct aan te pakken

16-09-2021
Afschermen adresgegevens in Handelsregister

16-09-2021
Levering slooppand of bouwterrein?

Meer nieuws

 
Blijf op de hoogte
Meld u direct aan voor onze digitale nieuwsbrief en blijf op de hoogte.

Aanmelden
 

Werknemer gehouden aan non-concurrentiebeding

Een werknemer trad op 1 mei 2021 in dienst bij zijn werkgever op basis van een arbeidscontract voor onbepaalde tijd, zonder proeftijd. Het arbeidscontract omvatte onder meer een geheimhoudingsbeding, een non-concurrentiebeding en een relatiebeding. Beide laatste bedingen kenden een duur van 18 maanden na beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Op overtreding van deze bedingen was een boete gesteld van € 5.000 per dag.

Op 18 mei 2021 heeft de werknemer de arbeidsovereenkomst opgezegd, omdat hij een aanbod had gekregen van een concurrent van zijn werkgever. De werkgever hield de werknemer aan de in de arbeidsovereenkomst opgenomen bedingen en spande een kort geding aan tegen de werknemer.

De kantonrechter stelde vast dat de werknemer bewust een arbeidsovereenkomst met de werkgever was aangegaan en heeft getekend voor de daarin opgenomen bedingen. Er bestond geen aanleiding om hem daar niet aan te houden. Niet is gebleken dat de werkgever de werknemer een reden heeft gegeven om snel weer op te zeggen. De werknemer heeft er zelf voor gekozen om op het voorstel van de concurrent in te gaan. Door zonder overleg met de werkgever een besluit te nemen en meteen op te zeggen heeft de werknemer de werkgever voor een voldongen feit gesteld. Volgens de kantonrechter had de werknemer de plicht om rekening te houden met de belangen van de werkgever.

De kantonrechter was van oordeel dat de werkgever een gerechtvaardigd belang heeft bij handhaving van het geheimhoudingsbeding, het non-concurrentiebeding en het relatiebeding. De korte duur van het dienstverband was aanleiding om de werking van de bedingen in de tijd te matigen tot negen maanden, te rekenen vanaf de datum van opzegging. De vordering van reeds verbeurde boetes of een voorschotbetaling op schadevergoeding heeft de kantonrechter afgewezen, omdat een kortgedingprocedure zich daar niet voor leent.

Bron: Rechtbank | jurisprudentie | ECLINLRBOVE20213156, 9290676 \ CV EXPL 21-2708 | 20-07-2021

Terug

 
       
Diensten     De Jong Koster
Controleren jaarrekening
Samenstellen jaarrekening
Management rapportages
Due diligence onderzoeken
Financiƫle administraties
Fiscale aangiften
Fiscale advisering
Juridische advisering
Estate planning
Prognoses en begrotingen
Salarisadministratie
Bedrijfseconomisch advies
Herstructureringen
Automatisering

accountants & adviseurs
Kastanjelaan 24 | 2982 CM Ridderkerk
0180 - 44 12 55 | info@djk.nl
KvK nummer: 24475099